14: Colombia, PN Los Nevados
Door: Freek
Blijf op de hoogte en volg Freek
28 Juni 2017 | Colombia, Salento
Het is inmiddels al meer dan een jaar geleden dat Tijn en ik samen op het vliegtuig stapten naar Patagonië. Fietsen mee, klaar voor het avontuur. Weet je, het voelt al bijna onwerkelijk ver weg. Al die ervaringen. Ik ben denk ik toch weer wat opgeslokt door het Groningse leven. Ben hard aan het werk om af te studeren deze zomer en met dat harde werken lijkt de reis onwerkelijk ver weg. Daarom leuk om nog een reisverslag te maken.
In Colombia reisde ik naar Manizales, eigenlijk vlak bij Salento, waar ik al eerder was, omdat ik van plan was om het Parque National Los Nevados te doorkruisen (globaal van Manizales naar Salento). In Manizales boekte ik een dagtour naar het park, waarbij ik afsprak dat alleen van de heen reis en de tour gebruik zou maken en niet mee terug zou komen naar de stad. Ook overlegde ik mijn plannen met de wandelorganisatie, zodat ze zouden weten waar ik was en ik sprak af dat ik de 4e dag iets van me moest laten horen. Mocht het nu allemaal niet goed gaan, dan konden zij mij gaan zoeken. Het doorkruisen van het park zou me in principe 3 dagen kosten, dus zou het precies uitkomen. Ik deed nog uitgebreid inkopen, bestudeerde de kaart en pakte mijn tas voor de volgende dag.
Vanuit mijn hostel in Manizales werd ik des ochtends vroeg opgehaald met een Toyota Landcruiser. We pikten nog een aantal andere mensen op (een Nederlands stel, een Fransman en een driekoppig Colombiaans gezin). We reden een paar uur naar het park, intussen begon het behoorlijk te regenen en werd het doordat we een stuk de hoogte in gingen ook kouder: 'Los Nevados' betekent 'de met sneeuw bedekte bergen'. We kregen een goed lokaal ontbijt in een simpele boerderij en reden daarna nog hoger de bergen in. Daarna begon de wandeling onder begeleiding van een gids. Hij vertelde veel over het gebied. Los Nevados is een kleine vulkanische bergketen, je kunt op sommige stukken nog duidelijk zien waar de lavastromen de berg af liepen. De wandeling ging richting de gletsjer, die in vroegere tijden veel groter was geweest en op een gegeven moment kon je ook duidelijk zien dat we door de morene (waar de gletsjer door naar beneden gleed) van de gletsjer ophoog liepen. De omstandigheden waarin we de wandeling liepen werden steeds slechter: wind regen en sneeuw tegen. Ik was onvoldoende voorbereid op dit soort kou en net als tijdens de 4 daagse Huemul trekking in Patagonië vroor mijn gezicht er bijna af. Ook waren de sneeuwvlokken die door de wind hard mijn gezicht in werden geblazen echt pijnlijk! Op zich had ik nog een volledig regenpak aan en daarbij mijn hoge bergschoenen. De Colombiaanse familie liep op gympjes en de dochter zelfs op AllStars door de sneeuw. Zij kregen het dan ook echt ongelofelijk koud. Na de gletsjer te hebben bereikt ben ik snel omgekeerd en weer terug naar de auto gelopen. Daar aangekomen moest ik nog ongeveer een uur wachten omdat het Colombiaanse gezin in moeilijkheden was gekomen. Die waren echt helemaal vast komen te zitten, hadden last van hun knieën en hun ledematen waren erg afgekoeld. Ze hadden alle hulp van de gidsen nodig om weer goed beneden te komen. Zelf vind ik het altijd wel opvallend dat met name West-Europeanen op dit soort tours (redelijk) goed voorbereid zijn en dat dit soort lokalen (alhoewel stads-Colombianen) bijna doodvriezen.
Daarna weer een stukje met de auto gereden, waarbij ik afgezet ben bij het begin van mijn route. Het was inmiddels 16.30 uur en omdat Colombia dicht bij de evenaar ligt zou het behoorlijk vroeg donker worden. Toch wilde ik graag het eerste deel van mijn 3 daagse route nog afleggen, juist omdat ik het anders misschien niet zou redden. De parkwachters die ik trof raadden mij af om nog te gaan, maar ik legde uit dat ik snel zou lopen en daarna lieten ze me gaan. Ik zette een behoorlijk hoog tempo in, maar mijn rugzak was zwaar, ik had al mijn spullen mee (oa de kilo koffie die ik gekocht had..) en het viel me zeker na de middagwandeling niet mee. Wel zag nog een heleboel konijnen en genoot van de prachtige bergen. Veelal begroeid met gras en een soort zeldzame cactusbomen. Toen het echt donker begon te worden kwam ik uit bij een groot meer, waar aan de overzijde mijn kampeerplek zou zijn. Ik zag de berghut waarnaast ik zou kunnen kamperen gewoon staan. Maar ik was heel moe en het zou volgens mijn GPS nog zo'n 4 km zijn.. Ik stapte zo snel mogelijk door, maar het was zwaar en steeds vaker moest ik even leunend op mijn wandelstok uitrusten om daarna weer door te stappen. Na een tijdje werd het helemaal donker. En de meters wilden maar niet opschieten. Ik zocht mijn hoofdlamp in mijn tas, maar kon hem niet vinden, shit, die was ik waarschijnlijk kwijt geraakt in het laatste hostel. Hmmm, dat is wel een beetje onhandig. Gelukkig had ik nog een klein lampje, van Marjolein Buré op mijn verjaardag gekregen. Had thuis lang getwijfeld of ik het wel of niet mee zou nemen, maar omdat je van alle essentiële dingen 2 mee moet nemen, had ik het meegenomen en ik was er nu heel blij mee! Zo kwam ik, meter voor meter, met mijn lampje steeds dichter bij mijn bestemming. Toen ik uiteindelijk bij het huis kwam, was ik heel blij dat ik het gehaald had. Ik vond aan de achterzijde de kampeerplek, waar ook al 4 Colombiaanse jongelui van mijn leeftijd stonden. Ze waren heel verbaast dat ik op dit tijdstip solo uit de duisternis te voorschijn kwam. Ik zette snel mijn tent op en ging koken. Dat deed ik dicht bij hen in de buurt omdat daar de luwte van het gebouw was. Er was een enorm verschil in uitrusting tussen hen en mij, zij hadden een heel eenvoudige canvas tent met daarover een stuk plastic zeil gespannen omdat hij anders lekte, terwijl ik Tijns supersonische tent nog bij me had. Daarnaast had ik een MSR gasbrander met gascarpules bij me die het ook hoger in de bergen deden terwijl zij een supersimpele alcoholbrander aan de praat probeerden te maken. Deze deed het echter niet door de hoogte en de kou. Nadat ik snel gekookt had en twee keer aandrong wilden ze mijn gasbrander wel lenen om hun eten mee te maken. We raakten we dat aan de praat, het waren kleine leuke gesprekjes en leuke grappen. Ze gaven me twee stukken panela (palmsuiker, erg lekker), waar we thee van dronken. Ook deelden ze hun koffie en een stuk lokale (erg zoute) kaas. Na een korte nacht (ik moest weer wennen aan de hoogte van bijna 4000 meter opgestaan, mijn gasbrander uitgeleend aan mijn nieuwe vrienden en de spullen opgepakt. Even na 9 uur vertrok ik. Het voel mij zwaar, mijn spieren hadden een behoorlijke opdonder gehad van de dag ervoor. Daardoor liep ik langzaam met veel pauzes. Het landschap was mooi, met een soort bijzondere cactussen en grasland. Na 2 uur wandelen betrok het en begon het te regenen. Het was niet een heel duidelijk pad en het was elke keer stijgen en dalen. Ik liep hoofdzakelijk op de kaarten van de Maps.me, een gratis app met kaarten (zoals Google-maps, maar dan slechter) waarvan je de kaart van het gebied waar je heen gaat van tevoren download en daar als je er bent ermee kunt lopen zonder dat je internet nodig hebt (zoals bij Google-maps). Opzich handig, maar op de kaarten van Maps.me ontbreken hoogtelijnen en hoogte-aanduidingen, heeeeel onhandig in de bergen, kwam ik achter. Op een gegeven moment dacht ik bijna zeker te weten dat ik alleen nog maar zou moeten dalen, maar gaf maps.me aan dat ik echt nog een heel stuk moest stijgen. Ik begon braaf aan de klim, ging over een bruggetje gemaakt van losse balken en steeg verder. Ik had het erg zwaar, mijn lichaam wilde niet en het was gewoon een heel eind. Het pad liep nu vooral door weiden met koeien erin, waardoor ik af en toe ook behoorlijk om moest lopen om die dikke melkbussen op pootjes niet te laten schrikken (uhm, niet helemaal eerlijk: ik ben eigenlijk zelf bang voor koeien, daarom loop ik om). Ik moest veel pauzeren om het vol te houden, ondertussen vervloekte ik Maps.me omdat deze de hoogtelijnen niet aangaf. Daarnaast zei ik tegen mezelf "Nou Freek, je vroeg om een pittige solotrekking en die heb je nu dus gekregen.... pffff". Uiteindelijk kwam ik aan het eind van de lange klim én het eind van de middag aan bij Finca Berlin, Een klein boerderijtje met 2 zeer simpele logeerkamertjes. Ik werd erg aardig ontvangen door de vrouw des huizes. Oorspronkelijk was ik van plan om in te tent te overnachten, maar een kamertje koste 10.000 pesos, ongeveer 3,33 euro. Dit feit, met dat alles nat was en het buiten nog regende, maakte dat ik zonder aarzelen de kamer accepteerde. Ik werd op de ereplek in hun keukentje (2 bij 2 meter) neergezet en kreeg koffie met panela en later een simpele maaltijd. Ik besloot ze als dank veel van mijn eten te geven, want ze hadden niet veel en het eerstvolgende dorp was 3 uur paardrijden verderop. Later sloot de heer des huizes aan, ik maakte nog 2 aantekeningen in mijn boekje: allereerst hoe het zou zijn om hier te wonen op 3800 meter met wat koeien, kippen en paarden met de eerstvolgende buren twee uur paardrijden verderop en ten tweede vroeg ik mij af waarom de heer des huizes een pistool achter in zijn broek had zitten - blijkbaar toch ergens voor nodig... Des avonds in mijn kamertje het boek van 'de 100 jarige man die uit het raam klom en verdween' uitgelezen, heerlijk om zo in een verhaal te worden gezogen. Om 23 uur ging ik slapen. Ik sliep niet lang, want om 4 uur (!) begonnen de kippen een hele hoop lawaai te maken, nog een beetje doorgedommeld, maar om 7.30 uur opgestaan en om 8.30 uur vertrokken. Volgens Maps.me zou ik in één dag naar het eindpunt moeten kunnen lopen en ik was wel weer toe aan een goed hostel, een goede maaltijd en wat westerse gezelligheid - dus driedubbel gemotiveerd. Toch wist ik dat het een hele klus zou worden: 18 km hemelsbreed door de bergen, das echt taai, maar het zou eerst een stukje omhoog zijn en dan alleen maar dalen.. eitje toch? Ik had het meteen al zwaar, het regende en verdwaalde binnen een kilometer na mijn vertrek en vond via de verse paardensporen het pad weer terug en zwoegde mezelf de berg op. Waar het paardenspoor rechtdoor ging, wilde Maps.me me naar rechts sturen. Ik volgde het Maps.me-paadje, verdwaalde, vond het terug, verdwaalde - heel vervelend en vermoeiend om steeds terug te moeten en weer te moeten zoeken. Een andere vervelende bijkomstigheid was dat het Maps.me-pad me de hele tijd liet stijgen. Dat was niet de afspraak! Ik miste een niet-bestaande afslag en kwam uiteindelijk vast te zitten op een graad. Poeh, ik ging even zitten en nadenken: ik was definitief verdwaald, de batterij van mijn mobiel (met Maps.me) begon leeg te raken, het was nog steeds vies weer (regen en koude wind) en teruglopen naar de niet-bestaande afslag zou een heel eind zijn. Dit zag er niet goed uit. Ik voelde dat ik veel van mijn krachten gebruikt had en dat ik vanaf nu mijn reserves zou gaan gebruiken. Ik wist dat ik van de graad af moest en dat er in het dal links waarschijnlijk een pad zou zijn, ver weg zag ik ook een onbewoonde boerderij. De helling die ik af moest dalen was redelijk stijl, een pad was er niet en de begroeiing bestond uit gras hoger dan mijn heupen. Op zich geen probleem, alleen ik kwam er al gauw achter dat het gras groeide in pollen met een doorsnede van 30 centimeter met tussen twee pollen zo'n 20 cm ruimte geultjes: ideaal om als je niet helemaal goed op een pol stapt in te glijden, te struikelen en door je enkel te gaan. Om te voorkomen dat ik door mijn enkel zou gaan, liet ik mij als ik in een geultje gleed, vallen waardoor ik dan een paar meter naar beneden rolde en tot stilstand kwam. Dit gebeurde een paar maal en het was erg pijnlijk en zwaar. Na een behoorlijk stuk vallen, struikelen, rollen en opstaan vond ik het pad. Ik had het zonder schade gehaald, want als ik hier vast was komen te zitten, had ik met niemand contact op kunnen nemen en had niemand me gevonden. Ik ruste wat uit en vervolgde mijn weg. Het was een erg mooi pad wat de eerste kilometers nagenoeg vlak was. Ik moest me vaak door bamboe totaal overwoekerde stukken heen wurmen en toen het pad begon te dalen was het op een aantal plekken erg modderig en glad. Het weer was nog steeds slecht: of regen of mist. Ik was moe, maar ook extra voorzichtig. Toch viel ik een paar keer door de gladde modder. Lekker heel hard een paar ongeneeslijke ziektes en geloofsaanduidingen aangeroepen (niemand hoorde me toch) en weer opgekrabbeld. Uiteindelijk kwam ik bij een hek (waar ik toen ik het open maakte mijn duim tussen kreeg) en stond ik in een weiland. Hier bleken rennende stieren te wonen, dus heb ik ook maar een stukje gerend. Maar waar stieren zijn, zijn mensen, dus ik voelde me al een stuk meer op mijn gemak. Ondertussen daalde ik af door nog zo'n 20 weilanden met vee. Ik werd steeds vermoeider, maar bij het laatste weiland zag ik mijn eindpunt, Valle de Cocora liggen. Ik probeerde een stukje af te snijden, daalde 200 meter af maar kwam vast te zitten in een stijl stuk bos. Ik vloekte even, en steeg de 200 meter weer. Ondertussen was het ook lekker weer geworden: de zon scheen en omdat ik daalde werd de temperatuur aangenaam. Hierna probeerde ik niet meer af te snijden en even later kwam ik uitgeput en hevig stinkend aan in Cocora. Ik nam de Jeep terug naar Salento en checkte in in La Florestra, waar ik precies hetzelfde bed kreeg als twee weken daarvoor. Die avond besloot ik uit te rusten.
Terugkijkend op de wandelingen zie ik dat hoewel ik mij goed had voorbereid, ik behoorlijke risico's heb gelopen. Wel had ik altijd het gevoel dat ik het zou gaan halen, alleen ik hoopte dat ik geen letsel op zou lopen - met een gekneusde enkel jezelf uit de bergen slepen is gewoonweg veel onplezieriger dan zonder de gekneusde enkel.
Zo, dat was het weer voor nu, ik heb alweer veel te uitgebreid geschreven.
Volgende reisverslag zal écht het laatste zijn ;)
Liefs,
Freek
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley